If you want to remove a hedge and install a fence, don't start digging post holes straight away. The job goes smoothly only when the root balls are fully removed, the soil is firm again, the property boundary is clear, and no underground cables or pipes are in the way. With older conifer, beech, or laurel hedges, the hardest part is often below ground rather than above it.

Kun je direct een schutting plaatsen?
Soms wel, maar alleen bij een overzichtelijke situatie: een jonge of smalle heg, weinig dikke wortels en een strook die na het uitgraven niet los of nat blijft. Bij een oude heg is direct plaatsen meestal vragen om scheefstand, omdat de bodem eerst moet herstellen.
Controleer deze volgorde voordat je schermen bestelt of paalgaten maakt: eerst de wortels op de paallijn, daarna de stevigheid van de grond, vervolgens de erfgrens en pas daarna mogelijke leidingen. Als één van die punten onzeker is, los je dat beter op vóórdat er beton, palen of schermen in de grond zitten.
Als de wortels verwijderd zijn
De belangrijkste wortels zijn de dikke delen op de plek waar de palen komen. Kleine haarwortels in de rest van de strook zijn meestal geen ramp, maar een stronk of stevige zijwortel in een paalgat zorgt ervoor dat je niet diep genoeg komt of de paal scheef moet zetten.
- Verwijder alles wat de paalpositie kruist.
- Laat fijne wortels alleen zitten als de grond stevig blijft.
- Let extra op bij conifeer, laurier en oude beukenhaag.
Als de grond stevig is
Een vlakke bovenlaag zegt weinig. Trap op meerdere plekken langs de toekomstige lijn: veert de grond mee, zakt je schoen weg of blijft er water staan, dan is de strook nog niet geschikt voor een stevige schutting.
Bij een korte schutting in een beschutte stadstuin kun je met goed aanvullen en aanstampen vaak al ver komen. Bij een lange schutting op een open, winderige plek moet je strenger zijn, omdat de palen veel meer zijwaartse druk krijgen.
Als de erfgrens duidelijk is
Een oude heg stond niet altijd netjes op de grens. Soms is hij breder gegroeid, ooit iets verkeerd geplant of jarenlang vanaf één kant gesnoeid. Neem die lijn dus niet blind over.
Leg bij twijfel eerst het begin- en eindpunt vast met de buren. Komt de schutting precies op de erfgrens, dan is overleg niet alleen praktischer, maar voorkomt het ook discussie over eigendom, onderhoud en kosten.
Als leidingen geen obstakel vormen
Kijk vóór het graven waar tuinverlichting, drainage, een buitenkraan, beregening of elektra naar een schuur loopt. Dicht bij gevels, terrassen en overkappingen is de kans groter dat er iets in de grond ligt.
Op verdachte plekken graaf je de eerste laag liever met de hand dan met een grondboor. Dat kost een paar minuten extra, maar een kapotte kabel of waterleiding maakt de klus direct veel duurder en onveiliger.
Zo verwijder je de heg
Een heg haal je het makkelijkst weg van boven naar beneden en van licht naar zwaar. Eerst maak je de plant kleiner, daarna zaag je de houtige delen terug en pas daarna werk je aan de wortels.
Bij een jonge ligusterhaag is dit vaak een dagklus voor een handige doe-het-zelver. Een brede, oude laurierhaag of coniferenrij kan veel zwaarder zijn, vooral door de kluiten en de hoeveelheid afval. Regel daarom vooraf hoe je het snoeiafval afvoert, anders staat de werkstrook vol voordat het echte graafwerk begint.
Knip de heg terug
Knip eerst het fijne groen en de dunne takken weg. Werk laag voor laag, zodat je ziet waar de hoofdstammen zitten en niet steeds door een dichte massa takken hoeft te zagen.
Zaag de heg niet meteen vlak boven de grond af. Laat korte stamstukken staan, want die geven later grip bij het wrikken of lostrekken van de wortelkluit.
Zaag dikke takken af
Zaag de hoofdstammen terug tot hanteerbare stukken van ongeveer 30 tot 60 centimeter. Dat ziet er tijdelijk rommelig uit, maar die stompen werken als hefboom bij het losmaken van de kluit.
- Gebruik een snoeizaag voor dunner hout.
- Gebruik een reciprozaag of kettingzaag alleen als je daar veilig mee kunt werken.
- Draag handschoenen en oogbescherming bij droog of splinterend hout.
Graaf de wortels uit
Steek met een scherpe spade rondom de stam en snijd eerst de zijwortels door. Daarna kun je de kluit loswrikken. Bij hardnekkige wortels helpt een wortelzaag, bijl of breekijzer.
Werk niet de hele tuin onnodig om. De prioriteit ligt bij de toekomstige paallijn en bij grote houtige resten die later kunnen rotten. Krijg je een oude stronk nauwelijks los, dan kan een stobbenfrees of minigraver verstandiger zijn dan uren trekken en schade maken aan bestrating of borders.
Voer het groenafval af
Leg snoeiafval direct apart of voer het tussendoor af. Een paar meter heg levert al snel meer volume op dan verwacht, zeker bij coniferen en laurier.
Scheid dun groen van dikke stammen en kluiten met aarde. Dat maakt laden, vervoeren en inleveren bij de milieustraat vaak makkelijker.
Maak de strook vrij
Haal takken, blad, losse stenen, wortelstukken en oude paaltjes uit de werkstrook. Pas als de strook echt vrij is, kun je goed meten en zie je waar kuilen of zachte plekken zitten.

Zo bereid je de grond voor
Na het verwijderen van een heg is de bodem vaak rommelig: losse aarde, wortelgaten, natte plekken en hoogteverschil door oude kluiten. Die voorbereiding bepaalt of de schutting straks strak blijft staan of na de eerste storm al begint te werken.
Zie dit als de fundering van de erfafscheiding. De schermen vallen het meest op, maar de palen en de grond eromheen doen het zware werk.
Verwijder dikke wortelresten
Controleer vooral waar de palen moeten komen. Stuit je daar op harde wortels, haal ze dan weg voordat je de gaten definitief graaft. Een paal die naast een wortel wordt gezet in plaats van op de juiste lijn, blijft zichtbaar afwijken.
Vul ontstane gaten op
Kuilen van wortelkluiten vul je in lagen op. Gooi niet in één keer losse tuinaarde in een diep gat, want dat zakt later alsnog in.
- Gebruik stevige aanvulgrond of zandhoudende grond.
- Druk elke laag apart aan.
- Controleer paalplekken extra, omdat daar de meeste belasting komt.
Verdicht losse grond
Stamp de aangevulde strook goed aan met een handstamper, zware tegel of ander vlak hulpmiddel. Het doel is niet dat de bovenkant er netjes uitziet, maar dat de grond onder de paal niet meer meegeeft.
Twijfel je na regen of de strook stevig genoeg is, wacht dan liever even met plaatsen. Natte, luchtige grond lijkt soms gevuld, maar kan onder belasting nog flink zakken.
Maak de strook vlak
Maak de strook zo vlak mogelijk met een hark, lat of rei. Een tuin hoeft niet overal waterpas te zijn, maar de lijn moet wel bewust gekozen zijn: recht, licht aflopend of trapgewijs.
Bij een tuin met hoogteverschil is een trapgewijze schutting vaak netter dan proberen alle schermen geforceerd op één lijn te krijgen. Dat voorkomt spanning in de bevestiging en een rommelige onderkant.
Markeer de paalposities
Meet de schermbreedte en paaldikte vooraf uit en markeer elke paalpositie met piketten, spuitkrijt of een kort stokje. Controleer vooral het eerste vak, want een kleine fout loopt bij elk volgend scherm verder op.

Zo plaats je de schutting
Als de strook schoon, stevig en uitgemeten is, wordt het plaatsen vooral een kwestie van rustig werken. De eerste paal en de eerste lijn bepalen bijna alles wat daarna komt.
Doe dit bij voorkeur met twee personen. Eén iemand houdt vast en controleert, de ander graaft of monteert. Bij lichte schermen is dat handig; bij zware houten of composietschermen is het eigenlijk noodzakelijk om schade en scheefstand te voorkomen.
Zet de schuttinglijn uit
Span een strak koord tussen begin- en eindpunt. Gebruik dat koord als vaste referentie voor de voorkant van de palen, niet alleen als grove richtlijn.
Controleer ook hoe de lijn uitkomt bij een muur, hoek of poort. Het is beter om nu een vak iets aan te passen dan aan het einde met een onbruikbare restmaat te zitten.
Graaf de paalgaten
Graaf de gaten op de gemarkeerde plekken. Voor veel standaard schuttingen wordt vaak ongeveer een derde van de paallengte in de grond gezet; bij 180 centimeter zichtbare hoogte kom je dan vaak rond 60 centimeter diepte uit. Zie dat als richtlijn, niet als vaste regel voor elke tuin.
In losse, natte of open gelegen grond kan dieper of steviger funderen nodig zijn. Maak het gat breed genoeg om de paal goed te stellen en verwijder losse aarde onderin.
Zet de palen waterpas
Controleer elke paal in twee richtingen met een waterpas: langs de schuttinglijn en haaks daarop. Een paal kan van voren recht lijken en van opzij toch scheef staan.
- Schoor de paal tijdelijk als hij nog kan bewegen.
- Druk aarde of stabilisatie steeds in lagen aan.
- Gebruik beton alleen volgens de werkwijze van het gekozen systeem.
Bevestig de schermen
Monteer de schermen pas als de palen stevig staan en goed in lijn zijn. Til elk scherm op zijn plek, controleer de bovenlijn en bevestig met geschikte buitenbeugels of schroeven.
Laat houten schermen liever niet strak op de grond rusten. Een kleine ruimte onderaan helpt tegen vochtbelasting. Bij een tuin die afloopt, kun je de schermen beter bewust laten verspringen dan ze onder spanning passend proberen te maken.
Controleer de stevigheid
Duw na montage voorzichtig tegen meerdere palen en schermen. Een beetje beweging bovenin kan normaal zijn, maar de paalvoet mag niet los of wiebelig aanvoelen.
Loop daarna een paar meter terug en kijk schuin langs de hele lijn. Scheefstand zie je van afstand vaak sneller dan wanneer je er vlak naast staat. Corrigeer kleine afwijkingen meteen, voordat alles volledig vastzit of beton is uitgehard.

Conclusie
Een schutting na een heg plaatsen lukt het best als je niet de oude haaglijn klakkeloos volgt, maar eerst de ondergrond betrouwbaar maakt. Bij een korte, jonge heg kun je vaak zelf doorwerken; bij zware kluiten, natte grond of een onduidelijke erfgrens is extra tijd of hulp meestal goedkoper dan later palen opnieuw moeten stellen. Pas wanneer de paalplekken vrij, stevig en goed uitgemeten zijn, wordt de nieuwe erfafscheiding echt een nette en duurzame vervanging.